Anker op

Porto Helio heeft een prachtig kerkje, maar doet onze harten verder niet sneller kloppen. Het stadje is heet, druk en toeristischer dan verwacht. In de grote ankerbaai liggen we tussen veel verlaten jachten met uitzicht op een eveneens verlaten jachthaven in aanbouw. Watertaxi’s en huurbootjes scheuren doorlopend vlak langs Coco en laten ons klotsend achter. Op de kade laat ik Jack uit tussen onopgehaald huisafval en op straat bivakkerende zigeunerfamilies. Al met al een wat troosteloze plek, dus de volgende ochtend gaat het anker op en varen we verder de Argolische Golf op naar Kilada.

Hekanker, anker, ankergerei, ankerlint
Hekanker, ketting en lint op rol

Daar aangekomen leggen we Coco aan met de boeg naar de kade en het hekanker uit. Normaal hebben we het niet zo op kades, omdat er vaak dingen mis gaan met aanleggen van andere boten, kruisende ankerlijnen etc. Deze kade is echter klein en lijkt overzichtelijk, dus we wagen het erop. Aan de kant liggen met water binnen handbereik om kleren te kunnen wassen is ook wel weer eens fijn. Het Nederlandse stel op het huurjacht naast ons helpt ons door de voorlijnen aan te nemen. Als we netjes liggen, ga ik Jackie uitlaten. Bij terugkomst zie ik tot mijn schrik dat Coco helemaal scheef ligt. Ron is al druk bezig voorop de boot. De huurboot vaart net weg. Ze hebben met het ophalen van hun anker ook ons anker losgetrokken. Ron ziet het gelukkig gebeuren. ‘Hij ligt weer hoor!’, roept de man optimistisch als ze onze ketting van hun anker hebben losgemaakt. Klopt, alleen ligt ons anker nu op een hele andere plek en zit er veel speling op het ankerlint. Ron trekt het weer strak en we overleggen wat te doen. We besluiten het anker te laten liggen en de voorlijnen een stuk te verhalen, zodat we weer recht achter ons anker komen te liggen. Als ik de tweede lijn loshaal en wil verleggen, gaat het bijna mis. Ik kan de lijn niet houden vanwege de wind en Coco trekt vervaarlijk opzij. ‘Can somebody please help me?’, roep ik om mij heen. De grote, zwarte metaalwerker van de vissersboot naast ons komt eraan samen met de Fransman van onze andere buurboot. De Fransman neemt letterlijk en figuurlijk de touwtjes in handen. Hij stuurt de metaalwerker weg met een kortaf bedankje. In plaats van mij te helpen om Coco weer vast te leggen, wil hij de boot losgooien. Als ik hem uitleg dat wij er ook op horen, dwingt hij mij om snel via de boegankers op de boot te stappen en Jackie op de kade achter te laten. Er zit nu nog maar één ding op: opnieuw ankeren en aanleggen. Even geven we wat gas achteruit om vrij te komen van de kade en de vissersboot en direct zit het ankerlint in de schroef. Als een godsgeschenk komt het gelukkig ook direct weer los. Ron heeft alle kracht nodig om het anker binnen te krijgen. Achterop zit geen ankerlier, dus het is handwerk. Met het extra gewicht van een flinke klomp klei aan het anker valt dat nog niet mee. We varen een rondje om opnieuw op de goede plek voor ons hekanker te komen, maar ik heb haast, want Jack staat op de kant. En hij lijkt op zoektocht te gaan. Ik roep naar hem: ‘Jackie, wachten!’ en ik snauw tegen Ron dat ‘ie op moet schieten. We ankeren opnieuw en varen naar de kade, waar de Franse buurman ons staat op te wachten. Wij willen vlak naast zijn boot aanleggen, zodat er ook nog ruimte voor andere jachten overblijft, maar hij maakt duidelijk dat niet te zien zitten. ‘Problem for my boat’ , zegt hij kwaad en weigert zich te verplaatsen. Dan maar zoals hij het wil. We hebben geen keuze. En daar liggen we weer. Captain Jack is er ook weer bij. Iedereen blij. Alleen hoeveel ankerlint zit er nu in? Het lijkt wat weinig. Hoeveel meter zit er eigenlijk op de rol? Na wat gereken concluderen we dat er 25 à 30 meter ankerlint uitstaat, inclusief 5 meter ketting, bij een waterdiepte van 4 meter. Krap, maar zolang het niet gaat stormen, zou het moeten kunnen, zo spreken wij onszelf bemoedigend toe.

Kilada, Koilada, visser, vissersbootje
Visser in de baai van Kilada

Stiekem maak ik me een beetje zorgen over wat er gebeurt als de wind vanavond op Coco’s kontje komt en het anker meer op de proef gesteld zal worden, maar we liggen recht en het ankerlint staat mooi strak, dus wat kan ons gebeuren? Met die geruststellende gedachte laten we Coco achter en gaan uitgebreid uit eten bij Taverne 1969. Het eten is heerlijk en de tent zit al snel helemaal vol. Ook onze Franse buren zijn aanwezig. Vrijwel tegelijkertijd komen we laat op de avond terug bij onze boten. Ik zie dat Coco scheef ligt. De wind is gedraaid en komt nu schuin van achteren. Ik trek het lint van het hekanker strak, maar zie even later dat we weer net zo scheef liggen. Als ik op de boeg ga kijken, liggen we met onze waterstag al tegen de kade aan. Weer moet het anker op. Er zit niks anders op. Dit keer gaan we, tot opluchting van de buurman, niet opnieuw aanleggen aan de kade, maar voor anker in de baai. Hij helpt nog net met het losmaken van een geblokkeerde voorlijn en posteert zich daarna resoluut voorop zijn boot. Hij wijst naar voren. Daar ligt zijn anker. En zijn ankerketting. Hij schreeuwt naar ons. ‘If I have a problem, you have a problem’. En iets over dat het donker is. Ja, dat zien wij ook. Als het aan ons lag, waren we ook lekker gaan slapen. Wij proberen intussen ons hekanker weer aan boord te krijgen. Het waait vrij hard van opzij, dus dat valt nog niet mee. De buurman schreeuwt nog steeds van alles. Eindelijk krijgt Ron het hekanker binnen. De kuip ligt vol met ankerlint en ketting. Er zit een dik stuk visdraad om het hekanker heengedraaid. Zou het anker daardoor niet goed zijn uitgeklapt of zou het door het visdraad in de schroef van één van de vele hard langsvarende speedbootjes – van en naar het privé eiland in de baai – zijn losgetrokken? Zijn we zelf overmoedig geworden na drie keer succesvol met het hekanker te hebben aangelegd? Het blijft gissen. Feit is dat dit niet bepaald een luwe kade is en het hekanker zwaar op de proef gesteld is.

Kilada, Koilada, Nisos Kilada, Nisos Koilada
De baai van Kilada met het privé eiland

Dan gaan we op zoek naar een ankerplek. Het is een pikdonkere nacht zonder maan. We manouvreren tussen grotendeels onverlichte jachten door, die soms ineens voor ons opdoemen. Spookachtig. Naast me hoor ik dingen in het water plonsen. Ik schrik, zoek en zie dan dat het vliegende vissen zijn. Waarschijnlijk zijn ze op het schijnsel van mijn zaklamp afgekomen. De nodige spanning en een hoop gestress later valt ons boeganker eindelijk in het water van de baai. We liggen netjes tussen een paar andere jachten in. Middenin de baai volgens de Ipad. Met z’n drietjes bekomen we van de schrik in de kuip.

Het is inmiddels na middernacht. Als het aan óns ligt, gaat ons anker voorlopig even níet op.

Advertenties

6 gedachten over “Anker op”

  1. Laatst was men behoorlijk aan het klagen, dat er zo onvriendelijk gedaan werd op de Nederlandse wateren en havens. Maar helaas komt dat nare gedrag dus overal voor! We zijn blij dat het goed is afgelopen! En wat is captain Jack een kanjer! Zo goed luisteren ♥️

    Liked by 1 persoon

  2. Met maar een hekanker zou ik daar nooit gaan liggen. Ik ken de plek niet , maar een kade blijft altijd link. Gelukkig alles goed opgelost en laat die fransman de kl … krijgen.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s